Spain in de Handelsbeurs: De vloek van een meesterwerk

Hoewel het een eer is die ook Glenn Danzig te beurt viel, mag je jezelf een geslaagd songschrijver noemen als producer Rick Rubin een van je nummers uitkoos voor de comeback van Johnny Cash. Dat vervolgens ook je legendarische vader jouw song covert is een zo mogelijk nog mooier eerbetoon. De vader, dat is de jazzlegende Charlie Haden die z'n baslijnen al leende aan Ornette Coleman en Keith Jarrett en eeuwige roem opstreek als leider van het Liberation Music Orchestra. Zo'n vader hebben maakt zelf muziek maken best intimiderend, maar met  The Blue Moods of Spain ontdeed Josh Haden zich in '97 van het addendum 'zoon van'.
 
Ondanks z'n verwantschap met de zeitgeist die de muziek van slowcore-collega's als Low en Codeine doordrong, bleef de impact van Blue Moods bij zijn release eerder beperkt. Zoals het een sfeerplaat betaamt nam ze geduldig de tijd om tussen de genotsneuronen te acclimatiseren en uit te groeien tot een cultklassieker. In die mate zelfs dat Spain in het voorjaar in de Botanique een integrale herneming van dat debuut verkoos boven het voorstellen van The Soul Of Spain, hun jongste worp. Dat hoopten ze met deze tweede doortocht goed te komen maken.
 
Toch bediende Haden en z'n band de gezellig gevulde zaal eerder van een evenwichtige wandeling doorheen Spain's vier platen dan van bombardement van nieuwe nummers. Een evenwicht dat Haden ook zelf uitstraalde wanneer hij zijn bas en zijn stem balanceerde tussen stilte, rust en totale controle. Haden noch zijn band lieten zich op een overbodige of valse noot betrappen. Wat leek op apathie en minimalisme was veeleer een uitnodiging om zelf naar een gevoel te graven en een vrijgeleide om de ruimtes tussen de noten over te laten aan je fantasie.
 
De nieuwe songs strooiden helaas wat jovialer met noten. Op het krachtige 'I'm Still Free' na kon je de nummers van The Soul of Spain nog het beste vergelijken met de Great Lake Swimmers na een flinke dosis valium. Godzijdank dat de rest van de set wél doordrongen was met Spain's kenmerkende sfeer die je nog het beste kan vergelijken met de dansende rookpluimen van een uitdovende sigaret. Knabbelend aan de filter ligt ze te sterven in de asbak die de beschonken maar vooral eenzame pianist op zijn pekzwarte vleugel achterliet. Het is dat soort rokerige romantiek, met een ondertoon van melancholie en tristesse, dat Spain zo uniek maakt. Jammer genoeg moest je daarvoor steeds wachten tot er een nummer uit Blue Moods passeerde.  
 
Haden wist de hele avond te beklijven maar kon niet voorkomen dat de rest van de set verkommerde in de schaduw van parels als 'Untitled #1'. Of hoe een meesterwerk als een vloek op je carrière kan rusten.

JULLIE BEOORDELING